Biest managen; belangrijk?
Kalveren worden geboren zonder enige bescherming tegen ziekteverwekkers. De eerste afweer (antistoffen) verkrijgt het kalf uit de biestvoeding, dit wordt ook wel…
Kort uitgelegd
Het deel van een voer dat overblijft als het water eruit is gehaald, de basis van elke rantsoenberekening.
Elk voer bestaat uit water en droge stof. De droge stof, afgekort DS, is het deel dat overblijft na volledig drogen. In de droge stof zitten alle voedingsstoffen: energie, eiwit, vet, vezels en mineralen.
Voedermiddelen bevatten heel verschillende hoeveelheden water. Een kilo vers kuilgras levert veel minder voedingsstoffen dan een kilo hooi. Om voer met elkaar te kunnen vergelijken, worden gehalten aan voedingsstoffen uitgedrukt in gram of MJ per kg droge stof. Ook de voeropname van de koe wordt in kg DS berekend.
Globale drogestofgehalten:
Het DS-gehalte van kuilvoer verschilt van kuil tot kuil en zelfs binnen één kuil. Daarom loont het om het regelmatig te bepalen. Een kuil met 30 in plaats van 35 procent DS betekent dat de koeien bij dezelfde hoeveelheid vers product merkbaar minder voedingsstoffen binnenkrijgen.
Een voeranalyse in het lab geeft exacte waarden. Op het bedrijf kun je het DS-gehalte ook eenvoudig zelf bepalen. Je weegt een monster af, droogt het in de magnetron of een speciale voerdroger tot het gewicht niet meer verandert, en weegt het opnieuw. Het restgewicht gedeeld door het beginGewicht geeft het DS-aandeel.
De drogestofopname is de belangrijkste grootheid in de voeding, omdat die bepaalt hoeveel energie de koe binnenkrijgt. Richtwaarden:
In de dagen voor het afkalven daalt de drogestofopname van nature. Na het afkalven stijgt ze langzamer dan de melkproductie. Daardoor ontstaat de negatieve energiebalans. Meer hierover in Ketose is een grote kostenpost.
Ook het DS-gehalte van het kant-en-klare rantsoen telt. Een TMR met ongeveer 40 tot 50 procent droge stof wordt goed opgenomen. Is het rantsoen te droog, dan selecteren de koeien makkelijker. Is het te nat, dan daalt de opname. Wordt een droog rantsoen met water bevochtigd, dan hecht het krachtvoer beter aan de vezels.
Ook bij biest en kalvermelk is de droge stof een maat voor kwaliteit. De Brix-waarde van biest geeft een schatting van het drogestofgehalte. Goede biest zit boven 25 procent DS. Kunstmelk wordt voor een intensief voerschema vaak aangemaakt met ongeveer 15 procent DS. Meer hierover in Biestmanagement; voor de juiste start!.
Een rantsoen wordt vaak één keer berekend met DS-waarden uit het lab en daarna maandenlang hetzelfde gemengd. Als de kuil bij het aansnijden verandert of als het op de open kuil regent, klopt het rantsoen niet meer. Met een wekelijkse DS-bepaling van de belangrijkste kuilen blijft het rantsoen nauwkeuriger.
Ja. DS is de afkorting van droge stof: het deel van het voer zonder water.
In de eerste 60 lactatiedagen ongeveer 2,5 tot 2,8 kg per 100 kg lichaamsgewicht. Hoogproductieve koeien eten later vaak meer dan 23 kg per dag.
Je weegt een monster af, droogt het in de magnetron of een voerdroger tot het gewicht gelijk blijft, en weegt het opnieuw. Het restgewicht gedeeld door het begingewicht geeft het DS-aandeel.
Kalveren worden geboren zonder enige bescherming tegen ziekteverwekkers. De eerste afweer (antistoffen) verkrijgt het kalf uit de biestvoeding, dit wordt ook wel…
Het is een veel voorkomende aandoening bij melkvee: ketose, ook wel slepende melkziekte genoemd. Uit onderzoek is gebleken dat in de eerste…
Het verlengen van de levensduur van uw koeien is erg rendabel. Van drie naar vijf lactaties levert een melkveebedrijf met 100 melkkoeien…
Ontdek onze gloednieuwe krant 'Farming Forward', die vroeger bekendstond als 'Cow Programme'. We hebben de inhoud ook uitgebreid met onderwerpen als klauwverzorging, hygiëne en de dagelijkse bedrijfsbehoeften.
Krant lezen
Winkelwagen
Je winkelwagen is nog leeg.